Missing Peace | missingpeace.eu | NL

  • Gepubliseerd: Maandag, 3 Juni, 2013 - 10:06 AM

Franse rechtbank: Israelische bezetting West-Bank legaal

Door Missing Peace

Dit artikel werd ook gepubliceerd door het blad Aktueel.

De Franse website Dreuz kwam op 13 april jl. met het bericht dat een Franse rechtbank had geconcludeerd dat de Israëlische bezetting van de West-Bank (Judea en Samaria) niet illegaal is.

De uitspraak in hoger beroep van het hof in Versailles kwam nadat de PLO en de Associatie voor Frans Palestijnse Solidariteit (AFPS) een rechtszaak hadden aangespannen tegen de Franse bedrijven Veolia en Alstom Transport vanwege hun betrokkenheid bij de aanleg van de tram in Arabische wijken van Jeruzalem.

Deze wijken liggen over de zogenaamde groene bestandslijn in gebied dat sinds 1948 door Jordanië illegaal bezet werd gehouden en dat na de Zes Daagse Oorlog in 1967 door Israel werd geannexeerd.

Juridisch gezien is de conclusie van de rechters in Versailles niet bijzonder. Er zijn genoeg experts op het gebied van het internationale recht die eerder tot dezelfde conclusie waren gekomen.

Onder hen Professor Julius Stone die bijvoorbeeld in zijn boek ‘Assault on the law of nations’  aantoonde dat artikel 49 van de Vierde Geneefse Conventie niet van toepassing is op de Israëlische bezetting van de West Bank en de bouw nederzettingen daar. Dat artikel vormt de basis voor de claim dat de Israelische bezetting illegaal zou zijn.

De tekst in artikel 49 maakt gewag van de gedwongen transfer van de eigen populatie naar bezet gebied. In 1958 maakte het Internationale Rode Kruis duidelijk dat het artikel was opgenomen in de conventie vanwege de gedwongen deportaties van Joden tijdens de Tweede Wereld Oorlog. Israel heeft de eigen bevolking niet getransfereerd naar gebieden op de West Bank of naar Gaza. Verder waren deze gebieden deels al in handen van Joden voor het ontstaan van de staat Israel en is iedereen daar uit vrije wil gaan wonen.

Maar ook de Nederlandse expert Matthijs de Blois en de Canadese rechtsgeleerde Jaques Gauthier kwamen na bestudering van het internationale recht en internationaal bindende afspraken, zoals de San Remo conferentie in 1920, tot de conclusie dat Israel een legale claim heeft op de West-Bank.

Nu kwam echter een rechtbank in een Europees land waar pro-Palestijnse sentimenten doorgaans de boventoon voeren tot de conclusie dat er weliswaar sprake is van een bezetting maar dat deze legaal is.

Verder vond de rechtbank dat de aanleg van de tram in Jeruzalem in overeenstemming met is met artikel 43 van de vierde Geneefse conventie, dat een bezetter voorschrijft zorg te dragen voor het welzijn van de bevolking in de bezette gebieden. Over artikel 49 oordeelde de rechtbank dat slechts de Israëlische regering aangesproken kan worden op het wel of niet toepassen van dit gedeelte van het internationaal recht. Dit betekent dat bedrijven en burgers die zich vestigen op de West Bank de wet niet overtreden (zoals doorgaans beweerd wordt).

De PLO en AFPS werden door de rechtbank veroordeeld tot het betalen van de proceskosten en een schadevergoeding van 30.000 Euro aan Alstom en Veolia.

De uitspraak van de rechtbank in Versailles is een nieuwe klap voor de BDS beweging die probeert via boycot, sancties en desinvestering  Israel te isoleren. Maar ook de PLO zou er verstandig aan doen om een les te trekken uit dit fiasco waar het gaat om de aangekondigde juridische stappen tegen Israel na het verkrijgen van de opgewaardeerde status in de VN. Klaarblijkelijk werkt propaganda tegen Israel niet altijd en overal.

Het vonnis zou echter ook andere consequenties moeten hebben en vooral Europese politici aan het denken moeten zetten.

Neem bijvoorbeeld het Europese beleid ten aanzien van de Israëlische politiek op de West-Bank. In bijna ieder document en verklaring die de EU publiceert over deze politiek wordt ten onrechte geschreven dat de nederzettingen illegaal zijn en wordt gesuggereerd dat Israel niets te zoeken heeft in de West Bank. Sinds kort wordt er bovendien op basis van deze foute conclusie aangestuurd op een consumenten boycot van Israëlische producten die geproduceerd worden in het gebied.

De EU is zich daarbij klaarblijkelijk wel bewust van andere vonnissen door  Franse rechtbanken en het Europese Hof voor de Mensenrechten. Deze oordeelden eerder dat het oproepen tot boycot van Israëlische producten ophitsing en discriminatie op basis van nationaliteit inhouden.

Vandaar dat de EU nu aanstuurt op het labelen van Israelische producten die afkomstig zijn van de West Bank. Ook de huidige Nederlandse minister van Buitenlandse Zaken Timmermans onderschrijft deze EU politiek.

Nu een Franse rechtbank tot de conclusie is gekomen dat de Israëlische aanwezigheid in de West Bank niet illegaal is en slechts de Israëlische overheid aangesproken kan worden op toepassing van artikel 49 van de vierde Geneefse Conventie, is er ook geen reden om mee te werken aan het boycotten van producten die daar door Israëlische bedrijven worden geproduceerd.

Er is bovendien nog een ander argument aan te voeren tegen deze economische strafmaatregelen. Zij zullen namelijk de Palestijnse bevolking het hardste treffen en de vrede geen stap dichterbij brengen.

Zeker 40.000 Palestijnen werken voor Israëlische bedrijven op de West Bank en naar schatting 250.000 Palestijnen zijn voor hun levensonderhoud aangewezen op de inkomsten uit dat werk. Daarnaast zijn de bedrijven waar deze Palestijnen werken vaak de enige plaatsen waar sprake is van daadwerkelijke co-existentie op de West Bank.

De Palestijnse bevolking is dus in grote meerderheid tegen boycotmaatregelen en heeft zelf iedere oproep tot boycot aan de laars gelapt. Wie daaraan twijfelt moet een supermarkt in een Palestijns dorp op de West Bank of Gaza binnenlopen. Daar ziet men schappen vol Israëlische producten. Ook pogingen van de PA om het werken in de Israëlische bedrijven in de nederzettingen te verbieden stuitten op massieve weerstand van de Palestijnse bevolking.

In dat opzicht toont de Palestijnse bevolking meer realiteitsbesef dan degenen die denken dat via BDS en juridische aanklachten tegen Israel het Palestijns Israelische conflict is op te lossen.