Missing Peace | missingpeace.eu | NL

De schokkende waarheid over de Palestijnse staatsvorming

Door Missing Peace

Hoe de Palestijnse Autoriteit water gebruikt als een wapen tegen Israël over de hoofden van de eigen bevolking heen.

Er zijn nog twee weken te gaan tot 20 september, de dag waarop de VN naar verwachting een dramatische en historische fout zal begaan in het slepende Arabisch Israëlische conflict.

Die dag zal de Palestijnse Autoriteit (PA) waarschijnlijk VN erkenning krijgen voor een  Palestijnse staat binnen de wapenstilstandslijnen van 1948, zonder een allesomvattend vredesakkoord met Israël.

Veel is al gezegd en geschreven over de gevolgen van zo’n beslissing. Duidelijk is dat een unilateraal uitgeroepen Palestijnse staat de kans op vrede niet zal bevorderen en feitelijk het einde betekent van de Oslo akkoorden. De wereldgemeenschap lijkt daar echter geen slapeloze nachten van te hebben.

De algemene opvatting is dat de Palestijnen klaar zijn voor een eigen staat, en dat de PA haar huiswerk heeft gedaan betreffende de staatsinrichting. Niets is echter minder waar.

Niet alleen kan zo’n Palestijnse staat niet functioneren zonder de medewerking van Israël, zoals bijvoorbeeld blijkt uit de economische verstrengeling. Echter ook essentiële  onderdelen van die staatsinrichting ontbreken volledig.

Het meest duidelijke voorbeeld daarvan is de wijze waarop de PA is omgegaan met de opbouw van de waterinfrastructuur op de West Bank en in Gaza.

Uit documenten over het gezamenlijke Palestijns Israëlische  watermanagement op de West Bank en Gaza die onlangs in het bezit van Missing Peace kwamen, komt een schokkend en verbijsterend beeld naar voren.

Uit deze documenten blijkt namelijk dat de Palestijnse Autoriteit zelf de opbouw van de infrastructuur voor een onafhankelijke staat op de West Bank en Gaza heeft gefrustreerd en geblokkeerd.

De humanitaire gevolgen van dat beleid werden vervolgens verweten aan ‘Israëlische repressie’ en gebruikt in de cognitieve oorlog tegen Israël.

Onder die documenten bevinden zich notulen van het gezamenlijke Palestijns Israëlische Watercomité (Joint Water Committee) dat sinds de ondertekening van de Oslo akkoorden ononderbroken actief is geweest om de water infrastructuur op de West Bank te verbeteren.

Daarbij is het belangrijk te weten dat iedere beslissing over waterprojecten die dit comité neemt de goedkeuring moet hebben van beide partijen.

De documenten bevatten ook briefwisselingen tussen het hoofd van de PWA (Palestijnse Water Autoriteit), Dr Shaddad Atilli, en kolonel  Avi Shalev, het  hoofd  van de afdeling Internationale Relaties van COGAT(Coordinator Government Activities Territories).

Shalev is namens Israel verantwoordelijk voor het waterbeheer op de West Bank.

Samenvatting documenten
Hieronder een korte weergave van de inhoud van de water documenten.

Het gezamenlijke Palestijns Israëlische watercomité JWC werkt vanaf de ondertekening van de Oslo akkoorden zonder onderbreking samen, met het doel de waterinfrastructuur op de West Bank te verbeteren.

Alle projecten die aan de Israëlische ‘Civil Authority’ (ICA) worden voorgelegd hebben dus al de wederzijdse goedkeuring van de JWC. In de gebieden onder Palestijns bestuur (A en B) waar 97% van de Palestijnse bevolking woont is de Palestijnse Autoriteit (PWA) degene die bouwvergunningen afgeeft en het project uitvoert, in de rest van de West Bank (Area C) geeft de ICA de bouwvergunning af. De uitvoering van Palestijnse projecten in ‘Area C’ valt onder de verantwoording van de PWA. De uitvoering van projecten voor Joodse gemeenschappen op de West Bank valt onder de verantwoording van de Israëlische Water Autoriteit (IWA).

Een voorbeeld:

In een JWC vergadering wordt afgesproken dat er een bron moet komen die een Palestijns dorp van water voorziet in ‘Area B’. De bron moet echter geboord worden in het ondergrondse reservoir dat in ‘Area C’ ligt. In dat geval moet de ICA een bouwvergunning afgeven en is de PWA verantwoordelijk voor uitvoering van het project.

De hoofden van PWA en IWA tekenen ieder het gezamenlijke JWA besluit.

In de praktijk is gebleken dat over de laatste 10 jaar de PA 76 verzoeken voor waterinfrastructuur projecten indiende bij de ICA. 73 van die verzoeken werden goedgekeurd en 3 werden afgekeurd wegens het ontbreken van een masterplan.

Het afgeven van een bouwvergunning duurt 2 tot 6 maanden afhankelijk van de hoeveelheid werk die er aan vast zit.

Om nu te begrijpen waar het probleem ligt, is het verhaal over het afgeven van 28 bouwvergunningen voor het boren van bronnen in het Zuid Oostelijke ondergrondse waterreservoir in ‘Area C’ een goed voorbeeld.

Kaart van de ondergrondse reservoirs   Kaart van de ondergrondse reservoirs

Dit reservoir werd krachtens de Oslo akkoorden bestemd als bron voor bijna 70 % van de totale Palestijnse waterconsumptie (130 miljoen m3)

De vergunningen voor het boren van bronnen in het reservoir werden 10 jaar geleden aan de PWA afgegeven.

In een brief van 4 april 2001 drong ICA bij de PWA aan op uitvoering van deze projecten.

In 2009 was een groot deel van deze bronnen echter nog altijd niet geboord en beweerde het hoofd van de PWA Dr. Shaddad Attili in de media dat de ICA daarvoor verantwoordelijk was.

In een brief gedateerd 8 juni 2009 schreef kolonel Shalev aan Shatilli dat de vergunningen die in 2001 al waren afgegeven nog steeds van kracht waren. Hij sprak zijn verbazing uit over het uitblijven van de bouw van deze bronnen door de PWA.

Verder refereerde hij aan een brief die Shatilli op 24 mei 2009 aan Shalev schreef en waarin Shatilli zelf aankondigde dat de PWA binnen korte tijd het werk aan drie van de twaalf bronnen zou gaan uitvoeren.

In dezelfde brief ging Shalev in op een andere klacht die Shatilli bij de media had gedeponeerd, namelijk dat de PWA bronnen te lijden hadden onder het (door Israel ‘veroorzaakte’ watertekort). Shalev wees Shatilli op het feit dat vijf van de door de PWA gebouwde bronnen zodanig slecht onderhouden waren dat er sprake was van een verlies van 7,5 miljoen m3 water, genoeg om 145.000 Palestijnse burgers van water te voorzien.

Dit is maar één van de vele voorbeelden uit een lange lijst over de het wanbeleid van de PWA en wijze waarop men dat vervolgens exploiteert om de internationale opinie tegen Israel op te zetten.

In het kort nog een paar andere voorbeelden van de ‘oorlog om het water’:

  •  Na een vergadering op 15 november 2009 tussen PWA en ICA functionarissen waarin werd gesproken over het uitblijven van de uitvoering Palestijnse projecten, bood de Israëlische regering bij monde van Shalev in een brief aan Atilli aan om deze projecten te financieren. Een Palestijnse respons bleef echter uit.
  • Een rapport van de Wereldbank over de waterproblemen in de West Bank werd in ieder geval gedeeltelijk en waarschijnlijk in zijn geheel door Palestijnen geschreven. Het rapport voerde daardoor ‘Israëlische restricties’ aan als voornaamste reden voor het waterprobleem in de PA.
  • Het Wereld Bank rapport maakt melding van 82 projecten die door Israëlische restricties niet zouden zijn uitgevoerd. In werkelijkheid waren 37 van de projecten gelegen in de PA gebieden en konden zonder Israëlische toestemming worden uitgevoerd. Van de 45 projecten in ‘Area C’ werden er 27 door ICA goedgekeurd maar niet uitgevoerd door PWA. 11 projecten werden door PWA nooit voorzien van een plan en dus niet ingediend bij ICA. Drie projecten werden afgewezen en 4 zijn nog in behandeling.
  • Per jaar moet de ICA 600 keer in actie komen om waterdiefstal ongedaan te maken. Palestijnen boren ’s nachts gaten in water pijpen en plaatsen vervolgens een verloopstuk op de pijp. ICA schat dat per jaar miljoenen kubieke meters water verloren gaan.   Vanaf 2008 probeert Israel om de gezamenlijke Palestijns Israëlische controle op de waterinfrastructuur door middel van de JSET teams weer te laten functioneren.                                                                                                                Deze teams die in de Oslo akkoorden werden afgesproken en in 2000 stopten met hun werk vanwege de Tweede Intifada werden indertijd opgericht om grip te krijgen op de waterdiefstal.  De PA weigert echter mee te werken aan de heroprichting van de teams.
  • 50 % van de Palestijnse drinkwatertoevoer op de West Bank gaat op aan agricultuur. In 2008 werd bijvoorbeeld van de 180.972.378 m3 water 92.393.378 m3 gebruikt door Palestijnse boeren. Waterzuiveringsinstallaties die bijvoorbeeld door Duitsland werden gebouwd worden niet gebruikt omdat er geen infrastructuur is aangelegd door de PWA. Als gevolg hiervan wordt slechts 1,3 % van het afvalwater gerecycled. In Israel zelf is dat, dank zij een grootschalig overheidsprogramma, 72 tot 75%
  • 33% van de Palestijnse watertoevoer gaat verloren door lekken in de waterleidingen en gebrekkig functionerende bronnen. Door de JWC goedgekeurde rehabilitatie projecten voor deze bronnen zijn grotendeels niet uitgevoerd.
  • In de West Bank zijn ca. 250 illegale Palestijnse waterbronnen operabel. Op vergaderingen van de JWC in december 2007 en 2009 werd gesproken over dit probleem.  Er werd tevens afgesproken om 3 illegale bronnen die voor onderbreking in de watertoevoer zorgden in het dorp Beit Hassan te sluiten.                                                                                                                                 De notulen van de JWC vergadering op 13 november 2007 bevatten verklaringen waarin wordt gesteld dat de watertoevoer in een reeks Palestijnse dorpen zoals Bani naim en Tarqumiya wordt bedreigd. Verder werd gemeld dat de ondergrondse reservoirs onherstelbare ecologische schade kunnen oplopen door het illegale oppompen van water (zoals in Gaza is gebeurd).   De voorgenomen sluiting van de bronnen in Beit Hassan was een gezamenlijk JWC besluit dat door de PWA moest worden uitgevoerd.                                                                                                                          In de vier jaar daarna stuurde de ICA verschillende brieven aan de PWA waarin om uitvoering van dit besluit werd gevraagd. Actie bleef echter uit.
  • In maart 2011 schreef de PWA aan Shalev dat ieder besluit om de bronnen te sluiten onacceptabel was voor de PWA(!).   Toen de ICA uiteindelijk de bronnen sloot schreef Dr. Atilli een brandbrief aan internationale organisaties en overheden waarin hij Israel veroordeelde en de terugtrekking aankondigde van een Palestijns team dat in Israel was voor een training in ontziltingstechnieken.
  • Iets dergelijks deed Atilli ook toen hij op 15 juni 2011 een artikel schreef dat werd gepubliceerd in The Jerusalem Post. Shalev kon vanwege zijn positie in het leger niet reageren op dit artikel maar vertelde Misisng Peace dat bijna alle gegevens die Atilli in het artikel gebruikte onwaar waren.
  • Renovatie en upgrade projecten in Ramallah werden in 2005 en 2008 goedgekeurd door de JWC maar tot nu toe niet uitgevoerd. In een geval werd er in het geheel geen plan ingediend door de PWA
  • Een landbouw watersysteem voor boeren nabij Jericho werd op 8 oktober 2008 door de JWC goedgekeurd, ook in dit geval werd er tot nu toe geen plan ingediend.
  • In maart 2011 schreef de ICA dat een kanaal dat afvalwater uit het Qalqilyah district naar een waterzuiveringsinstallatie in Israel voert en door Israel was ontworpen nog altijd niet op 11 omringende Palestijnse dorpen was aangesloten door de PWA. Het riool water stroomt vrij Israel in.  Een masterplan voor een waterzuiveringfabriek voor Nablus dat al in 1999 door de ICA was goedgekeurd wacht nog altijd op uitvoering door de PWA.
  • De waterzuiveringinstallatie die de ICA bouwde in 1992 (voor de Oslo akoorden) bij Hebron om het rioolwater van Hebron en omstreken te zuiveren is door de PWA nooit in gebruik genomen.

Dit zijn slechts een handvol voorbeelden uit een veel langere lijst.

Conclusies
De Palestijnse Autoriteit krijgt jaarlijks tussen de 2 en 2,4 miljard dollar buitenlandse hulp, projecten inbegrepen, en wil dat de wereldgemeenschap in september een onafhankelijke Palestijnse staat uitroept zonder vredesakkoord met Israel.

Een onlangs verschenen VN rapport over de Palestijnse staatsopbouw trok de verbijsterende conclusie dat op het gebied van de infrastructuur en water de Palestijnen nu klaar zijn voor een onafhankelijke staat.

Het bovenstaande maakt echter duidelijk dat de PA op geen enkele wijze klaar is voor deze onafhankelijke staat.

Dit artikel behandelt slechts water, maar dezelfde problemen spelen bij andere infrastructuur zoals wegen.

Wanneer de VS via USAID projecten goedkeuren, blijft de PA achter bij de planning en uitvoering ervan. In vele gevallen werd de subsidie daardoor niet benut en verviel.

De Duitse regering trok een plan in voor het bouwen van een waterzuiveringsinstallatie in Tulkarm om de zelfde redenen.

In economisch opzicht lijken de zaken er beter voor te staan maar ook daar bedriegt de schijn zoals onder andere duidelijk werd in een artikel in The Jerusalem Post op 16 Augustus jl.

Het maakt tevens duidelijk dat de Palestijnse Autoriteit 18 jaar na de start van het Oslo vredesproces niet bereid is om via verbetering van de situatie van de eigen bevolking en samenwerking met Israel te werken aan werkelijke co-existentie, om over vrede maar niet te spreken.

Integendeel het laat zien dat de PA cynisch gebruik maakt elementaire basisbehoeften als wapen in de strijd tegen Israel.

Opeens begrijpt men beter waarom de PA geen gebruik maakte van de unilaterale bouwstop op de West Bank in 2009 of waarom de PA sinds die tijd consequent weigerde om terug te keren naar de onderhandelingstafel.

Het maakt ook duidelijk dat PA president Mahmoud Abbas na het verdraaien van de geschiedenis wel eerlijk was toen hij in de New York Times uitlegde dat de gang naar de VN vooral bedoeld was om de strijd tegen Israel met andere middelen voort te zetten.

Het gebruik van water als wapen is dus één van die middelen.

VN erkenning van een unilateraal uitgeroepen Palestijnse staat komt daarom neer op collaboratie bij het escaleren van het conflict en het ondermijnen van de positie van Israël in het Midden-Oosten

 Een Engelse versie van dit Missing Peace artikel verscheen bij The Jerusalem Post

http://www.jpost.com/Opinion/Columnists/Article.aspx?id=235772